De STEM(ming) van Carice
Carice de Wildt stelt zich voor
"Indien ik geen gevoel voor humor had, dan zou ik al lang geleden zelfmoord hebben gepleegd"
— Mahatma Gandhi - Indiaas politicus
Waarschijnlijk vraagt u zich af wat die Carice de Wildt voorstelt. Laat ik eens beginnen met een korte introductie. Mijn naam is Carice. Dat wist u dus al. Schrijven vind ik te gek. Als klein Cariesje schreef ik dagboeken vol met mijn zielenroerselen. Over die ene jongen uit mijn klas, die stiekem heel leuk was. Over mijn broers en zusje die af en toe erg stom waren. Maar ook over mijn vader die wel eens heel vrolijk was, maar soms zijn bed niet uitwilde. Hij huilde soms in de keuken en dan gebaarde mijn moeder dat we stil moesten zijn. Angstvallig sloot ik mijn dagboekje met een heus slot, zodat mijn geheimen bewaard bleven.
Toen ik de diagnose ‘bipolair type 1’ kreeg, veranderde er eerst niets. Ik bleef dezelfde Carice, met het verschil dat ik vanaf toen met een etiket op mijn hoofd rondliep. Ik bedankte vriendelijk voor de medicatie die werd voorgeschreven aan geesteszieke mensen zoals ik. Na een flinke depressie die samenging met een opname in een psychiatrisch ziekenhuis, slikte ik met een gezonde dosis tegenzin de pillen die mijn stemming vlakker zouden maken. De dreiging van het verlies aan creativiteit, levenslust en uitbundigheid, hing als een geslepen zwaard boven mijn chaotische hoofd. Één ding bleef onveranderd. Mijn liefde voor het geschreven woord.
Op zich kan ik nu redelijk leven met mijn gekte. De medicatie gumt de scherpe kantjes van mijn ziekte weg. Toch blijf ik onvoorspelbaar gelukkig. Mijn stemmingswisselingen worden niet helemaal weggevaagd door de pillen die ik elke avond met lichte tegenzin inneem. Het is voor mij een opluchting dat er nog steeds dagen zijn waarop ik zielsgelukkig word van een rondje hardlopen door het prachtige park van de stad waarin ik woon. Daarentegen zijn er ook tijden waarin ik mijn bed niet wil verlaten. Periodes waarin ik het ochtendgloren verafschuw. Momenten waarop ik niets liever wil dan mijn dekbed over mijn hoofd en slapen. Nooit meer nadenken. Gelukkig kan ik me dan redelijk aan mijn blonde haren het bed uit trekken om naar mijn werk te gaan. Een manager zoals ik heb, gun ik iedereen. Hij begrijpt mijn ziekte en roept me zelfs op kantoor als hij het idee krijgt dat ik te druk ben en rondhieper op de afdeling. Mijn bipolariteit bleek geen reden voor ontslag. Ook de man waar ik van houd vluchtte niet toen zijn vriendinnetje de diagnose kreeg.
In een dagboek schrijf ik allang niet meer. Ik weiger nog langer een slot op mijn woorden te zetten. Hier kunt u dus iedere week alles over mij lezen. Over hoe het is om te leven met een bipolaire stoornis. Over de leegte, de pieken, de dalen, de bijwerkingen van medicatie en de tergende vlaktes. Maar ook over de voordelen van mijn ziekte. Mijn leven is nooit saai. Als er een pil werd uitgevonden waardoor mijn bipolaire stoornis tot het verleden zou behoren, zou ik deze niet innemen. U vraagt zich wellicht vertwijfeld af waarom ik zo verknocht ben geraakt aan mijn stoornis. Of ik me wel realiseer wat er mis is met mij. Natuurlijk weet ik dat. Inmiddels heb ik van allerlei manieren aangeleerd om mijn baan te behouden, mijn vriendenkring omvangrijk en de liefde van mijn leven dichtbij me. En dat wil ik de komende periode graag met u delen. Bovendien kan ik vaak de komische kant van de ziekte wel inzien. Bovenstaand citaat heb ik altijd in mijn achterhoofd. Want zonder humor zou het leven zwaar zijn, stel ik me zo voor.
Volgende Column » |
Schrijf je in op de RSS feed
Wanneer je je abonneert op de RSS feed van tegek.nl / de column van Carice ontvang je automatisch de nieuwste column wanneer deze op de site is verschenen.


