Het verhaal van Carice
Het Zegel is niet bereikbaar, neem contact op met uw administrator

De STEM(ming) van Carice

De zoutziekte

‘Ik heb de zoutziekte’, zegt de kassier. ‘Ik heb mijn hele leven gewoon gewerkt, mijn pillen geslikt en nergens over gepraat. Ik heb de zoutziekte’.
Nieuwsgierig kijk ik hem aan. Ik leg mijn Koosjes recht op mijn tafel. Nog onder de indruk van de aandacht rondom Koosje. Door sommigen werd ik zelfs bedankt voor het boek.
‘Ik heb mijn huisarts wel eens gevraagd of ik niet mocht stoppen met die pillen’, zegt de kassier. ‘Het ging toch goed?’. Ik knik. Dat denk ik ook wel eens. Het gaat goed met me. Huppakee. Weg met die pillen. We zijn sterk genoeg om het leven aan te kunnen zonder die zooi die onze hersenen aantast.
‘Maar toen zei mijn huisarts dus’, gaat de kassier door, ‘dat ik er maar gewoon mee door moest gaan. Hij vond ook dat het goed ging, maar dat moest zo blijven’. De kassier haalt zijn schouders op. Tja. Als de huisarts het zegt, dan zal het wel zo zijn.
Dan loopt de man even weg bij mijn kraampje voor een aantal laatkomers. Als hij met ze heeft afgerekend en ze de weg naar de zaal heeft gewezen, komt hij terug. Hij pakt een Koosje vast en zegt dat hij niet meer zoveel kan lezen. Af en toe leest hij een stukje in het kwartaalblad van de VMDB. Hij blijft gewoon lid hoor. Want als hij af en toe een tip krijgt waardoor zijn leven makkelijker wordt, heeft hij voor zijn gevoel het lidmaatschap alweer gerechtvaardigd. Zo las hij ooit dat iemand zijn medicatie ’s ochtends innam, zodat hij ’s nachts niet meer uit bed hoefde voor een toiletbezoek. Volgens de kassier werkt het geweldig. Hij steekt zelfs zijn duim naar me op.
De kassier heeft de leeftijd van mijn ouders. Voor die mensen heeft hij nog aanzien, onze huisarts. Hoewel ik vandaag ook een Koosje verkocht aan een wat oudere dame die bij tijd en wijle geen respect voor haar psychiater kon opbrengen. ‘Zet er maar wat aardigs voor hem in’, zei ze. ‘Af en toe ga ik zo tegen hem tekeer. En hij heeft het beste met me voor’.

De zoutziekte. De kassier vindt het net zoiets als suikerziekte. Daar spuiten mensen dan wat insuline voor bij. Als je de zoutziekte hebt, mis je een soort zout in je hersenen. Daar slikken veel mensen die een bipolaire stoornis hebben, bijvoorbeeld lithium voor. Lithium is een zoutsoort. Per toeval kwamen mensen er achter dat het kalmerend werkte.
‘Ik heb al die jaren gewoon een baan gehad’, zegt de kassier trots. Hij legt zijn hand op een stapel met Koosjes. ‘Ik heb er nooit over gepraat. Misschien scheelt het ook dat het goed met me ging nadat ik aan de pillen ging. Met mij ging het altijd eigenlijk wel goed.

Ik ben blij voor de kassier. Hij drukte een naam op de ziekte waardoor hij ermee kon leven. Ik heb er wel een aantal therapeutische gesprekken voor nodig gehad voor ik met goed fatsoen kon verdragen dat ik bipolair ben.
Ik heb de zoutziekte.

« Vorige Column  |   Volgende Column »  | RSS feed Schrijf je in op de RSS feed

Wanneer je je abonneert op de RSS feed van tegek.nl / de column van Carice ontvang je automatisch de nieuwste column wanneer deze op de site is verschenen.