De STEM(ming) van Carice
Deze lente
In de krant las ik dat er een jongen in elkaar was geslagen door een groep jongeren. Ze hadden hem bewusteloos achtergelaten in een parkeergarage. Ik werd misselijk toen ik het bericht las. Ik vroeg me af hoe die jongen ooit weer een normaal leven kon leiden met dit trauma. Ik dacht aan de ouders van de jongen en voor ik het wist, zat ik thuis te huilen achter mijn pc. Toen ik het programma Gepest zag, leefde ik zo intens mee met het gepeste meisje dat nu een vrouw was geworden, dat ik haar de volgende dag een mail stuurde. Ik kreeg een berichtje van haar terug en heel even voelde ik me iets beter. Daarna hoorde ik een verhaal over een jongen met Asperger die alleen naar een vwo-school kon in Amsterdam. Voor de rest was er niets in Nederland en je moest ook perse in Amsterdam wonen om daar terecht te kunnen. Ik werd boos. ‘Er zijn nog meer kinderen met Asperger in het land!’, riep ik. In mijn hoofd schreef ik alvast een brief naar de onderwijsinspectie. Ik herkende de gebalde vuist van mijn vader in mij.
‘Ik zie het wereldleed weer te goed’, zei ik tegen mijn lief. ‘Ik zie van allerlei onrecht en daar wil ik dan wat aan doen. Ik wil dat er niemand meer in elkaar wordt geslagen, er geen enkel kind gepest wordt en alle kinderen met stoornis op een goede school terecht kunnen, waar ze educatief worden uitgedaagd’.
Mijn lief schrok, omdat het een signaal was van een beginnende depressie.
‘Dat herken ik nu dus’, zei ik bijna tevreden. Als ik nu niets doe, komt er een fase waarin ik me eerst heel druk maak over al het leed. Ik wil alles oplossen, ik maak me kwaad op de wereld en word boos op iedereen. Ongeacht hoe iemand reageert. Ik maak ruzie met mijn lief omdat er nog steeds geen plinten op de slaapkamer zijn gemaakt, als hij gaat wielrennen houd ik angstig mijn telefoon en de deurbel in de gaten. Ik ben ervan overtuigd dat er binnen een paar uur politie voor de deur staat omdat mijn lief is doodgereden. Als ik mee ga naar een etentje naar het werk van mijn lief, ben ik onzeker over mijn jurk, schoenen, make-up, kapsel en gewicht. Ik maak me zorgen of ik wel slim genoeg overkom, of ik niets stoms zeg waardoor ik de carrière van mijn lief voorgoed verknal of dat ik plotseling in huilen uitbarst omdat ik het allemaal ook niet meer weet. In de volgende fase wil ik niet meer naar buiten, ik zet mijn telefoon uit omdat ik geen gesprekken meer kan voeren en ik ben ervan overtuigd dat het beter is dat mijn leven vanaf nu ophoudt. In de laatste fase maak ik plannen om voorgoed van de aardbodem te verdwijnen. En dat zijn allemaal keuzes die ik maak.
Dankbaar omdat ik de signalen herken en ik nog geen flat heb uitgezocht, haal ik mijn hardloopschoenen uit het stof. Hardlopen, fijne mensen opzoeken, leuke dingen doen en een grondige medicatiecheck houden de depressie wel weer buiten de deur deze lente.
« Vorige Column |
Volgende Column » |
Schrijf je in op de RSS feed
Wanneer je je abonneert op de RSS feed van tegek.nl / de column van Carice ontvang je automatisch de nieuwste column wanneer deze op de site is verschenen.



