Het verhaal van Carice
Het Zegel is niet bereikbaar, neem contact op met uw administrator

De STEM(ming) van Carice

Durf te klagen

Klagen is prima. Zolang je het maar op de juiste plek doet. Dat is me al jong met de beruchte lepel ingegoten.
Een politieauto die door rood rijdt, mij vervolgens snijdt maar zich niet met gillende sirenes door de stad begeeft? Ik onthoud het kenteken en klaag. Ik schrijf brieven, mails en pleeg verhitte telefoontjes. Die daadkracht zit in mijn genen. Als kind vond ik het zo stoer dat mijn papa altijd zo voor ons opkwam. Op het schoolplein. In een pretpark. Terwijl mijn moeder met het schaamrood op haar kaken fluisterde: ‘Herman, doe eens rustig’, balde ik mijn vuisten en dacht: ‘Go papa! Go papa!’.

In de gezondheidszorg is het zinvol om die strijdlust in te zetten. Om de spiegel te bepalen van de medicatie die ik gebruik, is mij door verschillende psychiaters verteld dat ik twaalf uur na inname geprikt moet worden. De medewerkers van de prikposten laten het afhangen van hoe vol de wachtkamer zit. In de voorjaarsvakantie word ik bij een lege wachtkamer bevraagd.
‘Hoe laat heeft u uw medicatie ingenomen?’
‘Om acht uur gisteravond, mevrouw’.
‘Ja, want je weet wel dat er twaalf uur tussen moet zitten hè? Anders prikken we niet’.

Meestal calculeer ik twintig minuten wachttijd in. Op het moment dat ik voor een controle al meer dan een uur in een volle wachtkamer had doorgebracht, raakte ik geïrriteerd. Ik kon kiezen. Of ik ging nu onverrichter zake naar mijn werk en kwam alsnog te laat, of ik bleef wachten en moest een collega bellen om ons overleg te verschuiven. Ik fokte me op en vroeg me af of dat invloed had op de metingen van mijn spiegel.

Geïrriteerd stond ik op toen ik nummer 11 zag verschijnen op het display. Een gehaaste medewerkerster die blijkbaar om acht uur stond ingepland, greep mijn formulier uit mijn handen.
‘Ik heb ruim een uur moeten wachten’, zei ik narrig. ‘Waarschijnlijk is mijn spiegel nu niet meer betrouwbaar’.
‘Daar kunnen wij ook niks aan doen’, katte ze. ‘Wij weten van tevoren niet wanneer het druk wordt’.
‘Mij is wel eens verteld dat ik dan niet meer geprikt zou worden’.
Ze keek me voor de eerste keer aan.
‘O?’.
Ze prikte mijn bloed dat inmiddels kookte.

Op de fiets belde ik. Ik had een klacht. Die kon ik volgens de telefoniste van de prikpost via internet indienen. Dat deed ik. Ik schreef over de slechte planning, de beroerde afstemming, het gebrek aan inhoudelijke kennis en het gemis aan klantgerichtheid.
Opgelucht verzond ik mijn mail. Hopende op een correcte afhandeling. Tevreden ging ik weer aan mijn werk.

« Vorige Column  |   Volgende Column »  | RSS feed Schrijf je in op de RSS feed

Wanneer je je abonneert op de RSS feed van tegek.nl / de column van Carice ontvang je automatisch de nieuwste column wanneer deze op de site is verschenen.