De STEM(ming) van Carice
The next generation
Ik was een jaar of twaalf toen ik een grote poster op mijn kamer hing. Er stond in grote, sierlijke letters: The next generation. Ik vond het stoer. Het was een Engelse tekst en er stond een vrouw op met lang, donker en wapperend haar. Het maakte niets uit dat ik niet wist wat het betekende. The next generation. Intussen puberde ik fijn verder en hing ik mijn hele kamer, inclusief het plafond, vol met posters van mijn helden. Danny de Munk had plaatsgemaakt voor Bob Marley en Madonna. Ik rookte stiekem en wilde ook graag weed roken, maar ik wist niet hoe ik daar aan moest komen. Bob Marley had ooit gezegd dat rasta’s niet rookten, maar blowden. Ik wilde een rasta zijn. Bob Marley was een held en mijn ouders niet.
Ruim twintig jaar later, weet ik wat het betekent. The next generation. Mijn ouders zijn nog steeds van een andere generatie en als ik nu meiden van zestien zie lopen, realiseer ik me dat ik bijna twintig jaar ouder ben dan hen. Niets is erger dan tegen een puber te zeggen dat je je ‘ook nog zo jong voelt’ en die zwakzinnige fout probeer ik dan ook niet te maken. Maar ik merk wel grappige verschillen in de manier waarop de generatie van mijn ouders contact legt met hulpverleners zoals een psychiater en een Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundige en hoe ik dat doe.
Zo was de SPV’er van mijn vader ooit langere tijd ziek. Toen ik mijn moeder vroeg of er geen vervanger beschikbaar was, gaf ze me te kennen:
‘Ach, zo erg is het nu ook weer niet. We wachten wel even af’.
Toen ik haar vertelde dat ze mij altijd op de bekende ‘bel’ wijst en van me eist dat ik op tijd hulp inroep, zei ze eigenlijk niets, maar moest ze terstond naar het fornuis omdat de melk zou overkoken.
En of het nu de activiteitenbegeleidster is, de huisarts, psychiater of de diëtist, mijn ouders nemen het voor zoete koek.
‘Dat heeft de dokter gezegd’ is een gevleugelde zin. Of ze zeggen tegen mij: ‘vraag dat maar aan iemand die er verstand van heeft. Ga maar naar de huisarts’.
What the fuck. De huisarts. Als ik mijn moeder vertel dat ik die man nauwelijks ken, krijgt haar voorhoofd een grote frons.
‘Ach’, zegt een vriendin die ik vertel over het generatieverschil. ‘Dat doet mijn moeder ook. Als ik haar zeg dat er wel een felle kleur op de muur kan, twijfelt ze. Vervolgens vraagt ze het aan de stagiaire van de schilder. Daarvan neemt ze het wel aan’.
Het is een generatieverschil. Wij, jonge, ambitieuze mensen, zijn mondiger. We gaan naar de huisarts om een verwijzing naar een specialist te vragen. We gaan de discussie aan met de psychiater en die heeft een kwaaie aan ons. Vooral als we hypomaan zijn. Het zal mij benieuwen hoe dat met de volgende generatie gaat.
« Vorige Column |
Volgende Column » |
Schrijf je in op de RSS feed
Wanneer je je abonneert op de RSS feed van tegek.nl / de column van Carice ontvang je automatisch de nieuwste column wanneer deze op de site is verschenen.



