Waar je meer over wilt weten - bipolaire stoornis en zwangerschap
Bipolaire stoornis en zwangerschap
Zwanger zijn en het krijgen van een kind is voor de meeste vrouwen een vreugdevolle gebeurtenis. Voor vrouwen met een bipolaire stoornis (manisch-depressiviteit) is het hebben van een kinderwens vaak het begin van een zoektocht naar informatie over erfelijkheid, invloed van de zwangerschap op de bipolaire stoornis en wel of geen medicatiegebruik tijdens de zwangerschap. De keuze om wel of niet zwanger te willen worden is een keuze van jou en je partner. Je behandelaar kan deze keuze natuurlijk niet voor je maken, maar kan je wel veel informatie geven en de voor- en nadelen me je afwegen, de risico’s inschatten en helpen met het opstellen van een noodplan voor de periode voor, tijdens en na de zwangerschap. Als je behandelaar zelf niet voldoende informatie heeft, kun je verwezen worden naar een psychiater die er meer van weet (kijk bijvoorbeeld op de website van het landelijk kenniscentrum psychiatrie en zwangerschap www.lkpz.nl voor een behandelaar bij jou in de buurt). Bij mannen, die een bipolaire stoornis hebben en vader willen worden, zijn er weliswaar geen lichamelijke veranderingen, maar met de komst van een kind kan wel hun hele levensritme veranderen en speelt de erfelijkheid een rol.t e
En wat zijn nu zoal de risico’s. Je kindje kan zelf later een bipolaire stoornis ontwikkelen. De kans hierop is zo’n 10%, dat is tienmaal zo groot als bij kinderen van wie de geen van de ouders een bipolaire stoornis heeft. Als zowel jij als je partner een bipolaire stoornis hebben, dan wordt het risico groter. Ook is er het risico dat je kindje later een depressieve stoornis krijgt, deze kans is tweemaal zo hoog als bij kinderen van ouders zonder bipolaire stoornis. Het is nog niet mogelijk om vóór de geboorte vast te stellen of je kindje aanleg heeft om een bipolaire stoornis te krijgen. Wel kun je verwezen worden naar een klinisch geneticus ( een specialist op het gebied van erfelijkheid), bv als in de familie van zowel jou als je partner bipolaire stoornissen of stemmingsstoornissen voorkomen. Deze kan zo goed mogelijk proberen in te schatten hoe groot de kans is dat je kindje een bipolaire of depressieve stoornis ontwikkelt.
Lang is gedacht dat zwangerschap beschermt tegen het optreden van een manische of depressieve episode. Jammer genoeg blijkt dat niet zo te zijn.
Het is goed om met je behandelaar de voor- en nadelen van medicijngebruik tijdens de zwangerschap te bespreken. De voordelen van medicijngebruik zijn dat er minder kans is op een manie of depressie tijdens de zwangerschap (en dus minder stress voor je ongeboren kindje en stress is niet goed is voor de ontwikkeling van het kindje), dat er minder kans is op slechte zelfverzorging van de moeder en dat er minder kans is op een terugval bij de moeder na de bevalling (het risico op een postpartumpsychose is, zonder gebruik van medicatie, heel groot). Nadelen voor de moeder zijn, dat je je misschien schuldig gaat voelen als er zich problemen voordoen bij je (ongeboren) kindje, er zijn meer medische controles noodzakelijk (prenataal onderzoek en spiegelcontroles) en er is meer kans op problemen met de medicatie door veranderingen in het lichaam door de zwangerschap. Nadelen voor het kind zijn mogelijke teratogeniteit (misvormingen veroorzaakt door medicijnen) van de geneesmiddelen, gevaar van problemen rond de bevalling bij je kindje(bv onttrekkingsverschijnselen ) en het is nog niet goed bekend wat het effect op langere termijn is als kinderen tijdens de zwangerschap medicijnen hebben gekregen.
Ook moet je al gaan nadenken over het wel of niet willen en kunnen geven van borstvoeding. In het algemeen wordt gezegd dat je beter geen borstvoeding kunt geven. Om de kans op een postpartumpsychose na de bevalling (fors) te verkleinen wordt vrijwel altijd geadviseerd om preventief medicatie (in het algemeen lithium) te geven. En, het is heel belangrijk dat moeders ’s nachts voldoende rust krijgen; je partner of iemand anders kan wel de fles geven, maar niet de borst. (De partner van één van mijn patiënten schrok ineens op, toen hij zich realiseerde dat hij dus iedere nacht uit zijn bed moest). Rust en regelmaat, niet te veel stress en voldoende slaap zijn belangrijk, zeker in de periode na de bevalling. Daarnaast is natuurlijk steun van een ieder in deze periode van belang.
Wat heel zinvol is, is om, samen met je behandelaar en partner, een noodplan op te stellen voor de periode vóór, tijdens en na de zwangerschap. In dit noodplan kun je o.a. opschrijven hoe te handelen bij decompensatie tijdens zwangerschap of in de periode na de bevalling. Ook kun je erin zetten, wie wanneer gebeld kan worden om je te steunen. Veel mensen vinden het erg prettig als alles overzichtelijk op één papier staat.


